Tegenwoordig worden we overladen met verhalen over onderwerpen die al lang niet nieuw meer zijn. Denk aan elektrisch rijden, steppen of de zoveelste crisis. Het lijkt soms alsof we steeds dezelfde thema’s herkauwen. Dat gevoel kreeg ik ook bij het vrouwenvoetbal.
Maar hoe zit het eigenlijk echt? Hoe is het vrouwenvoetbal in Nederland ontstaan? Wie waren de pioniers, en welke obstakels moesten zij overwinnen? Waarom werkte de KNVB in eerste instantie niet mee? En hoe past dit in de tijdgeest, waarin het mannenvoetbal zelf nog volop in ontwikkeling was – van amateur- naar betaald voetbal? Het lijkt bijna onvoorstelbaar om in zo’n tijd het vrouwenvoetbal van de grond te willen krijgen. Toch gebeurde het, met doorzettingsvermogen en ambitie. Met terugwerkende kracht verdienen die pioniers ons grootste respect.
Om een duidelijk beeld te schetsen, ben ik zelf in de geschiedenis gedoken. Ik ontdekte fascinerende verhalen en inzichten die het verdienen om verteld te worden. De bronnen liggen hier netjes opgestapeld – mocht je ze willen zien, stuur me gerust een berichtje. Maar nu: op naar het verhaal van vrouwenvoetbal in Nederland! En beginnen gelijk met iets wat toen ook weer heel normaal en stoer was:
Oranje
Wil je alles over de ontwikkeling van het Europees vrouwenvoetbal met uiteraard een licht Oranjetintje lezen? Klik dan hier dan gaan we hieronder verder met de landelijke competitie van Nederland.
De beginjaren: 18xx-1940
Dus wat speldenprikken vanuit Sparta 1894 en ook nog in 1897 begin 1920 stak een aantal Enschedese meiden de hoofden bij elkaar. Ze waren kennelijk zo goed dat er geen weerstand was en het bestaan van het team daarmee ook ophield.
In o.a. Engeland, Frankrijk, Oostenrijk, België, Duitsland, Scandinavië en (1918) waren ze er snel bij eind 1800 en voetbalclub Sparta was de eerste die gelijk het vrouwenvoetbal wilde omarmen. Althans, in een oefenwedstrijd en gauw werd de Londense ‘British Ladies Football Club’ benaderd. De LFC is in 1894 opgericht en de eerste wedstrijd was op 23 maart 1895 voor 10.000 toeschouwers.
De club toert door West-Europa en komt in augustus 1896 naar Nederland. In Crooswijk (Schuttersveld) dient de oefenwedstrijd tegen RC & VV Sparta plaats te vinden. Er is ook een oplevering dat in 1908 ook via de schrijvende pers een oproep in Hengelo is gedaan om een ‘damesvoetbalelftal’ op te richten.
Op maandag 2 april 1923 werd een oefenwedstrijd gespeeld tussen Amsterdam en Arnhemse speelsters en begin maart 1935 was al een zevende Rotterdamse vrouwenvoetbalvereniging opgezet: De Blauwe Vogels. Het Haagsche (Rijswijk) team ‘Celcia’ (ook genoemd als ‘Chelsea’ of ‘Chelcea’) (juni 1933) speelde regelmatig demonstratiewedstrijden.
In Amsterdam op 23 juli 1933 de ‘Eerste Amsterdamsche Dames Voetbalvereeniging’, bij de oprichting was men de meeste tijd kwijt aan de samenstelling van het ‘kostuum’.
De oprichting was in het cafe Frankendaal op de Middenweg waar die andere nog onbekende club, Ajax, al was gehuisvest. De trainer destijds was Ajax-speler Henk Mulders. Ook Groningen ontwikkelt zich in het vrouwenvoetbal.
Vaak werden vrouwenvoetbalwedstrijden ingezet als geldinzameling voor stichtingen of als voorwedstrijd van de mannen.
Uiteindelijk gaat deze wedstrijd niet door, pas een week voordat de aftrap zou plaatsvinden. De thuisclub had al alles georganiseerd, maar (K)NVB floot in de voorbeschouwing al de wedstrijd af. De wedstrijd tussen de vrouwen zou de voetbalsport in Nederland schadelijk zijn. Sparta koos eieren voor haar geld, ondanks dat het al heel kosten had gemaakt en op basis van de gemiddelde toeschouwers in Engeland rekende op een mooie winst, want bij doorgang van de oefenwedstrijd zou het seizoen erop niet mogen deelnemen aan de competitie.
De ‘druk’ om niet als gelijk persoon gezien te worden, zorgt ervoor dat er geen rollende bal effect ontstaat. Het lijkt op een vloek, want overal in West-Europa wordt een halt toegeroepen aan clubs om hun terreinen niet meer beschikbaar stellen aan vrouwenvoetbalwedstrijden. De bonden vinden het prima als andere sporten worden beoefend behalve voetbal.
Als paddenstoelen uit de grond
Die ontstaat later pas op een bijzondere manier in 1954 maar dankzij de bachelor scriptie van Tessel Middag (o.a. Oranje, ADO Den Haag, Ajax, Manchester City) weten we dat in 1924 de eerste vrouwenvoetbalclub is opgericht. In Noord-Holland werd de ‘Oostzaans Vrouwenvoetbal Vereniging’ en dan praten we gelijk over de tweede fase van het vrouwenvoetbal. De club werd later opgericht, maar op zondag 25 juli 1920 werd gespeeld tussen voornamelijk korfbalsters. De korfbalclub Unie won met 1-0 van een prille vertegenwoordiging van de ‘Oost-zaansche Sportvereeniging’,. voor zo’n 400 toeschouwers. De schrijvende pers heeft ook ontdekt dat erin Amsterdam al ‘damesvoetbalteams’ aanwezig zijn, een van de clubs dat een team heeft is ‘Wittenburg’. Volgens een artikel in De Telegraaf van 20 januari 1955 de eerste vrouwenvoetbalvereniging dat op het terrein aan de Zeeburgerdijk haar wedstrijden speelde. Er waren maar liefst zes vrouwenvoetbalclubs.
Het vrouwelijk personeel van de magazijnen van Bijenkorf en Gerzon spelen ergens in 1918 ook een wedstrijd tegen elkaar. En halverwege de jaren 70 had de TV omroep KRO ook haar eigen ‘dameselftal’. Ondanks het enthousiasme wonnen de vrouwen het nog niet van de politieke en religieuze mindset van de tijd waarin zij ook onderdeel van waren.
Bij een Roermonds mannenteam fungeerde een vrouwelijke keeper op doel (juni 1921)! In 1929 wordt intussen in Antwerpen de vrouwenvoetbalclub Ajax geboren. Op de Haagse Fruitweg (mei 1934) werd het duel tussen Haagse ‘Chelsea’ en de Amsterdamse ‘Franklin Girls gespeeld, begeleid door een scheidsrechter uit Antwerpen.
Na Engeland en Frankrijk volgde de rest zo ook Nederland met blokkade tegen vrouwen om te voetballen, echter er werd nog steeds ‘illegaal’ gevoetbald. Op zondag 30 januari 1955 in Velsen het eerste ‘duel’ tussen de vers opgerichte clubs Zeeuwmeeuwen uit in Velsen tegen Velsenoorder Sport Vereniging.
Na de oorlog komt er weer beweging op de vrouwenvoetbalvelden.
Ondergronds voortbestaan: 1940-1960
In april 1954 zou het grootste gedeelte van het Britse team ‘South London Ladies’ haar vakantie in Nederland vieren. De club ‘Voetbalvereniging Pekelder Boys Jupiter Combinatie’ zou met haar team in Amsterdam tegen de Britten spelen. Jawel, de burgmeester, grijpt in bij dit duel.
Het vrouwenvoetbal in Nederland zette zijn tweede stap op clubniveau in 1955. Maar nu het leukste deel van deze ontwikkeling en begint in december 1954 dankzij vele handbalsters!
De media krijgt dus lucht van een ontwikkeling in Utrecht dat jonge vrouwen bezig houden met de oprichting van een vrouwenvoetbalclub. Ze zijn zelfverzekerd en er lopen al onderhandelingen met een bestaande club om het terrein te kunnen gebruiken voor de wedstrijden. In die tijd spelen vrouwen voornamelijk korfbal, volleybal, zwemmen en handbal en Gien van Maanen is later ook de eerste doelvrouw van Oranje.
Ze voetbalde samen met haar twee broers (spelend voor Hercules) in de straat van hun ouderlijke woning in Bilthoven. Tot het moment dat de politie langskwam en de bal meenam, dan was het weer naar binnen. En liep altijd met de gedachten in vrijheid te willen voetballen.
Willy van Bruggen, al werkzaam op het districtskantoor van de KNVB in Utrecht, was zo enthousiast na een wedstrijd dat ze tegen haar broer hierover vertelde. En hij zei gekscherend tegen haar, waarom plaat je geen advertentie in de krant om meisjes op te roepen tot het spelen in verenigingsverband?. Zo geschiede.
“Het bevorderen van het voetbalspel voor dames zal het streven zijn van onze vereniging”, zei de voorzitter Wil van Bruggen (17 jaar) in haar openingswoord. De oud-international Wout Buitenweg was bereid gevonden om belangeloos de training van de toekomstige speelsters (tussen 16 en 23 jaar) op zicht te nemen. In die tijd was zijn dochter Trudi (tevens ook lid van het bestuur) al een hele goede voetbalster.
Het ledental ging snel en zat na lekken in de media al op 60 meiden. De minimumleeftijd is bepaald op 16 jaar, spelen op zaterdagmiddag en twee keer 30 minuten per wedstrijd. Verder is besloten dat er onderlinge zomeravondcompetitie gaat komen en het voetballen op zondag wordt nog in overweging genomen. Wat in elke artikel terugkomt, is dat de speelsters een medische goedkeuring (op-getraind) moeten doorlopen om aan het seizoen mee te doen. Er is op de vergadering ook medegedeeld dat er niet eerder in het openbaar wordt opgetreden, dan wanneer de speelsters in staat zijn een enigszins acceptabele partij te spelen.
Het volledige bestuur van HERBIDO (de naam is afgeleid van de clubs waarin de familie bij betrokken is Hercules, Bilthoven, DOS) op woensdag 12 januari 1955 is:
- Willy van Bruggen (voorzitter)
- Betty Tombrink (secretaris)
- Gien van Maanen (penningmeester)
Het balletje is letterlijk gaan rollen en vrouwenvoetbalverenigingen groeien in Nijmegen, Amsterdam, Arnhem, Leiden, Scheveningen, Velsen, Dordrecht, Zutphen, Hilversum, Heusden, Amersfoort, Den Haag, IJmuiden, Haarlem, Vlaardingen, Winterswijk, Zaandam, Kampen en Enschede.
De eerste voetbalbond is geboren
De eerste oefenwedstrijd is ook aanstaande. De club uit Nijmegen zocht contact met Utrecht en op 30 april 1955 speelde zij een oefenwedstrijd in het DOS-stadion (Velox-terrein).
De wedstrijd voor zo’n 5.000 toeschouwers werd gewonnen door het thuisteam met 4-0 (2-0) maar tegen het Haagse EHDVV. Er was weer iemand die zich mengde in de ontwikkeling.
Het ging behoorlijk snel en de roep voor een ‘damesvoetbalbond’ op te starten kwam al snel. In maart 1955 werd in Hilversum een bijzonder gesprek. Herbido werd altijd uitgenodigd bij een oprichting of de intentie voor het vormen van een club. In Hilversum was er een club die een gemengde club wilde zijn. En in dat gesprek werd de ‘landelijke federatie of bond voor het damesvoetbal’ initiatief geboren. De KNVB kreeg een concurrent erbij plus die waren ook verwikkeld met haar eigen district reorganisaties in de lande. In april 1955 speelt op uitnodiging van Herbido een groep journalisten in Venlo een ‘propagandawedstrijd’, vele zullen er nog volgen. De wedstrijd zou tegen een Venlose vrouwenteam worden gespeeld maar bleek alsnog een team op de been te brengen.
De bond door en voor vrouwen
Op 16 april 1955 is het, zover, damesvoetbalbond opgericht: Nederlandse Dames Voetbalbond (NDVB) van de 13 vrouwenclubs waren er 10 aanwezig op de oprichtingsvergadering. Het streven van de nieuwe bond was nog niet in competitieverband te spelen, voorlopig vriendschappelijk. De eerste presidente was Betty Tombrink.
In Hamburg (Duitsland) begint mei 1955 ook de herstart met de eerste vrouwenvoetbalclub. Op 30 mei 1955 speelt Herbido haar tweede oefenwedstrijd in Deventer tegen de club uit Nijmegen. Ook ter promotie van de ‘vernieuwde’ sport strategisch gekozen. Het animo is lager in aantal toeschouwers (300) maar het werd in ieder geval doelpuntrijk: 7-2.
De oefenwedstrijden volgen heerlijk op, komen steeds meer nieuwe vrouwenteams en clubs erbij. En uiteindelijk zijn er veertien clubs die in juni 1955 besluiten tot deelname aan een competitie. Deze wordt verdeeld over twee groepen, startend vanaf half augustus 1955:
District A: DCO (Haarlem), Full Speeld (IJmuiden), Minerva (Dordrecht), EHDVV (Den Haag) Union (Vlaardingen), Zeemeeuwen (Velsen) en Zilvermeeuwen (Zaandam)
District B: Apoldro (Apeldoorn), Herbido (Utrecht), Holvianes (Amersfoort), Rievelo (Utrecht), Rood Wit Blauw (Nijmegen), SVA (Almelo) en Voetballerina’s (Hilversum)
En zonder een club uit Amsterdam. Full Speeld en Zeemeeuwen speelde als ‘concurrenten‘ al tegen elkaar. Wat ook gebruikelijk werd dat een vrouwenwedstrijd voor de heren werd gespeeld. Op die manier maakte iedereen kennis met het vrouwenvoetbal, was er al publiek opgekomen en werd ook zo geadverteerd:
Ze speelde in een ‘najaar’ (augustus, september, oktober) en een ‘voorjaar’ (maart, april, mei), de returnwedstrijden. Althans, je raadt het al. De KNVB is klaar met de zelfstandige groei van het aantal spelende vrouwen op het veld. De KNVB verbiedt clubs hun terrein beschikbaar te stellen voor vrouwenvoetbalwedstrijden. Een oude truc die ze rondom 1930/1933 ook hebben gebruikt. De KNVB creëerde een nieuwe maatregel dat ingeplande competitiewedstrijden voor- of na niet een vrouwenwedstrijd mag plaatsvinden.
De voorzitter maakte via de media kenbaar dat de KNVB en de vrouwenvoetbalclubs contracten hebben getekend met de clubs om gebruik te kunnen maken hun het terrein. “Als de KNVB niet normaal doet, dan komt er een eis voor een schadevergoeding”, aldus voorzitter Passon (NEC) van de Nederlandse Damesvoetbalbond heeft gelijk een rechtsdeskundige ingeschakeld. Ondanks dit gaan de vrouwen hun eigen weg op, schamen zich nergens voor en blijven onofficieel wedstrijden spelen. Er blijft aandacht komen vanuit het buitenland en het aantal teams met vrouwen en vrouwenvoetbalverenigingen blijft groeien!
Er worden o.a. door Herbido invitatiewedstrijden zowel in het binnen- als het buitenland gespeeld. En een daarvan is voor de ‘Association Sportive Neudorf 1925’. Een sportorganisatie in Straatsburg en op de wedstrijd komen 7000 toeschouwers op af tegen EHDVV. De eerste onderlinge wedstrijd was spannender en de toekomstige internationals, Clasien Verhoef (2x) en Joke van de Groenekan scoorden. Er is zelfs ook tegen een artiestes team gespeeld, uitslag is helaas onbekend. De opbrengst van de wedstrijd ging naar de ‘stichting Oud-patiënten’ van het Amsterdams Sanatorium Hooglaren.
Reiskosten
De ruis tussen de KNVB en de NDVB is weggenomen en de competitie wordt weer hervat per maart zoals vastgelegd in de reglementen van de vrouwenvoetbalbond. Het verbod hield ook in dat er geen enkele internationale wedstrijd gespeeld kon worden, dit wordt ook weer hervat. En er worden selectieactiviteiten georganiseerd om het de beste speelsters van Nederland te selecteren die dan spelen tegen Herbido, dit om de voetbalbondkas te spekken. Verder zijn er plannen om een competitie voor ‘reserve’ elftallen te organiseren. In een vergadering komt een steeds terugkerend probleem, reiskosten i.v.m. de lange afstanden. Om de voetbalbondkas van de vrouwenvoetbalbond te spekken worden er wedstrijden georganiseerd tussen Herbido en ‘de rest van Nederland’.
En doordat een ‘grappig moment’ met die advertentie speelt een groep speelsters haar eerste interland ooit! Tussendoor zoals een echt bestuur wilde een aantal aangesloten clubs dat er een manspersoon in het hoofdbestuur mag komen. De statuten schrijven dat niet voor en de intentie was ook om dit niet te willen veranderen. De eerste vrouwenvoetbal competitie werd gespeeld door veertien vrouwenvoetbal clubs.
- 1e internationale wedstrijd: Herbido vs Munchen Gladbach (3-2 en return ook gewonnen 4-0)
- 2e internationale wedstrijd: EHDVV (Den Haag) vs Gruga (Essen): 11.000 toeschouwers!
- uitbreiding van de competitie door reserve-elftallen competitie
Slechts een jaar later, in 1956, speelde het eerste Nederlands vrouwenvoetbalelftal haar eerste officieuze interland. De KNVB boycot haar medeburgers nog steeds. Destijds werd het vrouwenvoetbal georganiseerd door de Nederlandse Damesvoetbalbond (NDVB). En nog een opvallend feitje, er was in die tijd van de “wilde competitie” elke speelronde een voor- en nabeschouwing bij de schrijvende pers. Echt heel opvallend voor die tijd! Chapo!
In maart 1956 erkent de media dat de belangstelling voor het vrouwenvoetbal stijgende is. Zelfs scheidsrechter
zijn lovend. En in hetzelfde artikel werd me duidelijk waarom er een medische goedkeuring nodig is. Je moet lichamelijk en conditioneel sterk zijn om op het hoogste niveau te spelen, dat was het gedachtegoed. Die groep meiden van Herbido hebben werkelijk over alles nagedacht voor die tijd, echt over alles was nagedacht en vastgelegd.
Op 8 en 11 september 1955 is er al twee keer geoefend tegen elkaar. Als greep de KNVB in en via de Duitse bond werden ook deze twee oefeninterlands bewierookt en afgelast. De Duitse bond had een maand hiervoor al een wedstrijd laten staken door de politie erop af te sturen.
Op 23 september 1956 speelde het eerste Oranje de oefenwedstrijd uit tegen Duitsland, in het Mathias-Stinnes te Essen. En ter voorbereiding op deze interland speelde een A-team tegen het B-team, dat was op 16 september:
Team A: G. van Maanen; J. Slagboom, J. Kraayenbosch; J. Bierre, T. van Zijl, C. Verhage; Cl. Verhoef, J. Bakker. J. van de Groeneke
Team B: J. Gunter; B. van Diemen, C. Boon; D. van der Bijl, J. Rekoert, A. Brouwer; P. de Bruin, R. van der Breul, H. Hoen, R. Riethoven, F. van der Kolk.
De wedstrijd zou uitgezonden zijn op de Duitse en Britse televisie, de onderhandelingen met de Nederlanders was niet bekend. En vanaf september 1956 in alle schrijvende pers en op de televisie aandacht voor het ‘illegale vrouwenvoetbal’ van Nederland! De wedstrijd zelf? De Duitsers waren sterk in de aanval en Oranje met een onderscheidende Gien van Maanen die ook een oog blessure op liep, was de meest opvallende. En uiteraard het eerste ‘officiële’ Oranje doelpunt en die van Lenie (van Wensveen)-van der Jagt (2-1).
Het was niet altijd roze maneschijn. Een interne halve crisis in de vrouwenvoetbalbond. Een ondergeschikt punt van het jaarverslag van de penningmeester zo hoog oplopen, dat deze besloot af te treden. DCO (Haarlem), Zeeumeeuwen (IJmuiden) en het Utrechtse Herbido stapten uit de NDVB. Hierop stappen een aantal clubs uit de wilde bond en er werd een tijdelijk nieuw bestuur gevormd.
Oranje oefent voorlopig vele onofficiële wedstrijden tegen andere landen en tegen district teams. Of de kampioenen van de districten. Verder blijft Herbido internationale invitatiewedstrijden, ook als club interlands tegen o.a. Duitsland, spelen en vormt de basis voor bijna alle Oranjewedstrijden. Uiteindelijk door de ‘samenvoeging’ zakt ook de top en gaan veel speelsters weer haar eigen gang. En automatisch doordat het niveau zakt, zakt ook de aandacht in de schrijvende pers.
FIFA/UEFA zagen iets later dan verwacht ook in dat het vrouwenvoetbal een ‘vermaaksindustrie’ kan zijn, KNVB moest haar onverschilligheid ook aan de kant zetten. Er zijn veel speelsters met meer (onofficiële) interlands die vastgelegd moeten worden!
De doorbraak: 1970-1980
Deze vrouwenvoetbalbond ging in 1971 op in de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB). Tot dat jaar was het vrouwen verboden om lid te worden van de KNVB, en voetbalverenigingen mochten hun velden niet beschikbaar stellen voor vrouwenvoetbal. Met de opheffing van dit verbod in 1971 kwam een belangrijke mijlpaal: vrouwen kregen eindelijk dezelfde rechten binnen het georganiseerde voetbal.
De afdeling Noord-Holland van de KNVB heeft als eerste afdeling (1970 oktober) in Nederland het ‘damesvoetbal’ officieel toegestaan. Zuid-Holland (district Leiden) toont pas in 1972 interesse. De regio Overijssel ging als laatste overstag. En zoals al in het voorwoord geschreven, ook in de jaren 70 werden vrouwelijke scheidsrechters rekruut. Echter stopte vaker meer dan 90% tijdens de cursus. De internationals uit die tijd hadden een belangrijke speerpunt bij de samenvoeging onder de KNVB: de reiskostenvergoeding! De trainingen en wedstrijddagen werden zelf bekostigd.
En onder de vleugel van de KNVB wordt de eerste officiële interlandwedstrijd gepland en dat zal een uitwedstrijd tegen Engeland (1973) zijn. De selectie was op een bijzondere manier. De zes districtskampioenen spelen voor het algemeen kampioenschap in Zeist. De beste speelsters werden uitgenodigd voor selectietrainingen en op basis daarvan werd de definitieve selectie samengesteld.
Op 29 november 1971 werd officieel erkend dat het vrouwenvoetbal van Nederland een onderdeel is van het totaalvoetbal van Holland. En ter viering dat het “wilde voetbal” voorbij is en samen naar een betere toekomst gekeken kan worden werd er een ‘afscheidswedstrijd’ gespeeld. Het toenmalige Oranje speelde de afscheidswedstrijd tegen ‘de rest van Nederland. Oranje won met 2-1 door goals van Dina Vogelaar en Jose van Hoof. De gelijkmaker kwam op naam van Tonny Hulster en Sofie Grenda viel met een sleutelbeen breuk uit.
In 1971 waren er 20 afdelingen voor de KNVB-organisatiestructuur, in Gelderland was het animo nog niet groot. In 19 andere afdelingen telde met 23 (!) vrouwenvoetbalverenigingen en 304 verengingen met een vrouwenafdeling. Er speelde 258 teams in competitie en na de winterstop van 1971 kwamen hier nog eens 127 teams bij. Net als in 1955/1956 groeide het aantal spelende vrouwelijke leden in Nederland. Hier nog een interview, er zijn er veel meer, van de “Lieke Martens & Vivianne Miedema” uit die tijd: Dina Vogelaar. In beide vrouwenvoetbalfases (1955 en 1971) waren meer topspeelsters die nu ook grote bekendheid hadden genoten. Bep Timmer en José van Hoof werden o.a. net als Vogelaar met “Johanna Cruyff” vergeleken.
De grootst afdeling was Noord-Brabant met 77 elftallen. Er is ook een landelijke commissie (24 oktober 1971 en is ook de interne officiële samenvoeging) aangesteld die wedstrijden van de vrouwen voornamelijk in de ochtenduren of namiddag inplant en er was toen ook al nagedacht over Betaald Voetbal. Zoals al eerder aangekondigd zat het mannenvoetbal al in een transitie naar het Betaald Voetbal. Het hoofd van deze commissie was meester Anne van der Werf, hij werd later erelid van LSC 1890. Van der Werf werd in 1958 voorzitter van de Friese Voetbal Bond (FVB). Die functie bekleedde de Sneeker advocaat 25 jaar. Bij zijn afscheid werd hij benoemd tot erelid van de afdeling Friesland van de KNVB. De beste man was zeer dienstbaar en begeleide de emoties van beide partijen in zakelijke harmonie.
En herstart
De tweede vrouwenvoetbal invasie begon in de late jaren 60 in onder ander Zeeland bij ‘Eerste Zeeuwse Dames Voetbal Vereniging. Het was eigenlijk het laatste bolwerk van een provincie dat nog geen vrouwenvoetbal had. En de impact bij de laatste was het belangrijkst, vooral te danken aan Gerard Korsuize. Het grappige is dat als het vrouwenvoetbal weer een boost krijgt, dit altijd bij dropsclubs gebeurt.
Korsuize stond ook aan de (tweede) wieg van het Nederlandse vrouwenvoetbal. Hij begon als trainer-coach-voorzitter in april 1968 in Kapelle de eerste Zeeuwse voetbalvereniging voor vrouwen (EZDVV), zette de eerste competitie neer toen bleek dat er ook in andere plaatsen animo was voor het vrouwenvoetbal en was het grote brein achter de eerste nationale vrouwenploeg. Dat deed hij allemaal zonder hulp van voetbalbond KNVB, dat geen vrouwelijke leden accepteerde. De twee vrouwenvoetbal bonden werden verenigd in ‘Algemene Damesvoetbalbond’.
In het Zeeuwse plaatsje Kapelle Biezelinge is dus op zaterdag 10 april 1971 de Algemene Damesvoetbalbond opgericht. De eerste nationale organisatie op het gebied van het steeds meer opgang makende damesvoetbal
De voorzitter van de nieuwe bond was Gerard Corsuize. In dat kalenderjaar speelde er ongeveer 3000 speelsters. Later volgde Gert van der Hoest hem op.
De FIFA had ook de druk op de nationale bonden gezet om het vrouwenvoetbal te omarmen omdat zij ook hadden gezien, inclusief UEFA, dat er hoe dan ook geld door andere wordt of zal worden verdiend. De onofficiële EK en WK-toernooi (lees hier) kunnen marketing technisch nog beter worden ingevuld door de UEFA en FIFA. En zo moest de KNVB op hun manier het vrouwenvoetbal onder de Zeister vleugels gaan namen, dat was in juli 1971.
International rolt het nu echt
De nieuwe bond, die nog uit Zeeland, schrijft het nationale team gelijk in voor de Europese kwalificatieronde voor het wereldkampioenschap in Mexico (de sponsor was Martini (Vermouth), in samenwerking met Italië. Hij was naar Turijn waar een grote vergadering plaatsvond om een wereldkampioenschap te organiseren. De kwalificatiewedstrijden beginnen in mei 1971 en op 17 april 1971 zou Oranje een oefenwedstrijd spelen tegen de Franse kampioensploeg Stade Reims. Hoe dat is gelopen lees je in het artikel over de geschiedenis van het Europees kampioenschap (hier), de moeite waard. En een lange overgangsperiode ontwikkelt zich gestaag en het vrouwenvoetbal verdwijnt niet meer uit het voetballandschap.
Er is nog zoveel over te vertellen. De FIFA had wel iets verboden, gemengd voetbal. Dit kwam voornamelijk door een Uruguayaanse voetbalclub “Sud” die de toen 19-jarige Ester Vidal als aanvalster contracteerde. Ze was daarmee toen de eerste en gelijk de enige.
In 1971 moest van de FIFA elke bond aangeven of het vrouwenvoetbal een vast of geen onderdeel is van een nationale bond. Voor de survey had pas 13 van de 135 nationale bonden het vrouwenvoetbal erkend. In het artikel over de ontwikkeling van het Europees vrouwenvoetbal lees je meer over de WK ontwikkeling. Oranje deed mee in de kwalificatie van 1969 en 1970 nog mee, echter omdat de KNVB na de overname van de afdeling vond dat er geen grond was voor een vertegenwoordigend elftal niet meer mee. En weigerde ook even lid te worden van Federation of Independent European Female Football (FIEFF).
KNVB nalatig
De ‘Landelijke Commissie Damesvoetbal‘ van de KNVB gooit in 1972 het roer om. Het Oranjeteam gaat de schroothoop op en in de komende jaren geen wedstrijden. De KNVB wil eerst “rustig” bekijken wat er in Nederland aan voetbaltalente voorhanden is en daarna pas beslissen over het forse bedrag, dat voor de aankoop van een stuk of vijftien Oranje-damestruijtes moet worden uitgetrokken.
De KNVB heeft de ontwikkeling van het vrouwenvoetbal onvoldoende gevolgd. Er zijn accommodatie en trainingsproblemen, ongeschikte trainers? Moeten er speciale begeleiders komen? Om de speelsters in een optimaal klimaat voetbal te laten spelen moet de hele organisatie worden aangepast, aldus voorzitter J. Essers van de ‘Nederlandse Katholieke Sportfederatie’. Nog een opvallend thema van vroeger, hand is toegestaan als beide handen voor de borsten wordt gehouden.
Twee jaar verder: De KNVB ontwikkeld onder druk en organiseert voor het eerst een kampioenschap voor district teams (juni 1973). En jawel, de KNVB gebruikt dit mini-toernooi als selectieactiviteit voor het Nederlands vrouwenvoetbalelftal. De KNVB heeft nu volledige controle en bepaald op die manier ook de ‘groei’ in Nederland, een punt wat nog steeds heel erg speelt! Het echte voordeel was, dat de omarming wel heeft geleid tot meer teamspel. Vaak speelde de betere van een team erg individualistisch, dat was daarmee wel wat over. En het Oranje team heeft ook een hele goede bondscoach, Bert Wouters.
De bekendste en een van de eerste vrouwelijke scheidsrechter is de Rotterdamse Corrie Theunissen. Er ontstaat in 1976 een dipje in de aantallen en o.a. in Noord-Brabant pakt met het initiatief om de KNVB extra te stimuleren met slimme ideeën. Bert van Lingen wordt aangesteld om het Nederlands JeugdPlan nieuw leven in te blazen, hij drukt later ook zijn stempel op het meiden- en vrouwenvoetbal. En zijn eerste analyse is ook geweldig om te lezen!
Er zijn ondertussen ook nieuwe vrouwenvoetbalclubs en teams aan de horizon gekomen die het landschap bepalen in bikkelharde kampioendagen!
Herstructurering: 1990-2000
De eerste officiële (serieuze) vrouwenvoetbalcompetitie op nationaal niveau, de Hoofdklasse, werd in het seizoen 1991/92 gelanceerd. Deze competitie startte met drie poules (A, B en C). Na drie seizoenen werd het format gewijzigd, en gingen de beste teams verder in één competitie onder de naam “Eredivisie,” met daaronder de Eerste Divisie A en B. Dit systeem bleef echter slechts twee seizoenen in gebruik. Vanaf het seizoen 1996/97 keerde men terug naar de oude benamingen: de Hoofdklasse werd weer het hoogste amateurniveau, met daaronder de Eerste Klasse.
Voorafgaand aan de Hoofdklasse bestond het vrouwenvoetbal in Nederland uit zes regionale Eerste Klassen. Tot en met het seizoen 2006/07 werd binnen deze structuren ook gestreden om het officiële landskampioenschap. Een belangrijke ontwikkeling volgde in januari 2007, toen de KNVB plannen presenteerde voor een nieuwe semiprofessionele competitie: de Eredivisie Vrouwen.
De Eredivisie Vrouwen: Een Nieuw Tijdperk
In het seizoen 2007/08 zag de Eredivisie Vrouwen het levenslicht als hoogste niveau in het Nederlandse vrouwenvoetbal. De competitie bood een podium voor vrouwenteams van professionele voetbalclubs of aan deze clubs gelieerde organisaties. Hoewel er vanaf de Topklasse geen promotie naar de Eredivisie mogelijk is, markeerde deze competitie een stap richting professionalisering.
Voor 2007/08 plaatste de landskampioen zich automatisch voor de UEFA Women’s Cup, de voorloper van de Champions League voor vrouwen. Vanaf de oprichting van de Eredivisie ging dit Europese ticket in eerste instantie naar de winnaar van de nieuwe competitie. Recordkampioen SV Saestum, dat ook titels met haar tweede team verzamelde, domineerde het vrouwenvoetbal met maar liefst elf nationale titels.
De Topklasse: Hoogste Amateurniveau
Naast de Eredivisie introduceerde de KNVB in het seizoen 2011/12 de Topklasse, die als hoogste amateurdivisie boven de Hoofdklasse werd gepositioneerd. Dit gaf ambitieuze amateurteams de kans om zich op een hoger niveau te meten, terwijl de Eredivisie exclusief bleef voor semi-professionele teams.
Een Voortdurende Evolutie
Het Nederlandse vrouwenvoetbal heeft sinds zijn bescheiden begin in de jaren vijftig een indrukwekkende ontwikkeling doorgemaakt. Van een tijd waarin voetbal voor vrouwen verboden was tot de oprichting van een professionele competitie, heeft de sport een solide basis gelegd. Met het groeiende aantal speelsters, fans en internationale successen is het vrouwenvoetbal niet meer weg te denken uit het Nederlandse sportlandschap.
Vandaag de dag is het vrouwenvoetbal een van de snelst groeiende sporten in Nederland. Met toenemende investeringen, aandacht van de media en een sterk supportersbestand, lijkt de toekomst veelbelovend. Initiatieven zoals meer diversiteit in jeugdopleidingen en gelijke kansen voor speelsters dragen bij aan een duurzame groei.
Het pad naar succes was niet eenvoudig, maar de geschiedenis van het vrouwenvoetbal in Nederland laat zien dat doorzettingsvermogen en passie de grootste obstakels kunnen overwinnen. Het verhaal van de OranjeLeeuwinnen en hun voorgangers is een inspiratiebron voor huidige en toekomstige generaties.
Momenteel ondergaat de Oranjeselectie een transitie, en ook de KNVB staat voor een belangrijke uitdaging: zorgen voor meer competitiegeld, structurele marketing van de competitie en – niet te vergeten – een eerlijk salaris voor elke speelster. Of je nu studeert, uitrust op een op een gesponsord bed, thuis woont, een appartement deelt met teamgenoten of zelfs in een stijlvolle caravan bivakkeert – een startbedrag van €50.000 per seizoen, exclusief team- en individuele bonussen, zou een krachtige basis zijn om op te bouwen!
Wil je meer weten over de spelers, clubs of wedstrijden die het vrouwenvoetbal in Nederland hebben gevormd? Blijf onze website volgen voor diepgaande artikelen en updates!
Ontdek meer van Women's football in the Netherlands | Stats and Analysis
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.



















