Op zoek naar een verantwoorde prestatiecultuur

core1Leggen we de lat voor sporttalenten steeds hoger? Neemt de druk dan ook in allerlei opzichten toe? Onlangs verscheen de rapportage ‘Een kwetsbare balans, tussen prestatiecultuur en verantwoorde talentontwikkeling’ van de hand van onderzoekster dr. Agnes Elling en collegae van het Mulier Instituut. Ze ging vorig jaar op de vier CTO’s in Nederland focusgroepgesprekken aan met 24 talentcoaches en begeleiders (o.a. studiebegeleiders, fysiotherapeuten, life skill coaches). De uitkomsten geven een beeld van verantwoorde talentontwikkeling, op basis van een grote inzet van de begeleiders. Maar het leidde ook tot niet al te veel optimisme.

Het onderzoek naar prestatiecultuur en verantwoorde talentontwikkeling is verricht op initiatief van het Mulier Instituut zelf, met als mede-opdrachtgever NOC*NSF. Het maakt deel uit van het project ‘Topsportloopbanen van start tot start van het meerjaren onderzoekspro- gramma ‘Sportland Nederland, ambities en prestaties 2011-2014’ van het ministerie van VWS. Elling schetst een beeld van een toegenomen prestatiecultuur en daaruit voortvloeiende dilemma’s waar sporttalenten, coaches, begeleiders en ouders tegenaan lopen. Sportland Nederland lijkt de zaken bij de combinatie van sport en onderwijs goed op orde te hebben, maar juist die verbeterde randvoorwaarden voor ontwikkeling brengen weer nieuwe eisen met zich mee.

‘The School’ wil landelijk huiswerk begeleiden bij sportclubs

Begonnen als een leuke bijbaan naast zijn studie International Business aan de Vrije Universiteit van Amsterdam, inmiddels uitgegroeid tot een serieus bedrijf. De jonge ondernemer Olivier Wijnen (26) zocht en vond met The School de combinatie van sport en huiswerkbegeleiding voor schooljeugd in de leeftijd van de middelbare school. Vanuit Amsterdam wil Wijnen nu beetje bij beetje het land gaan veroveren. “We zijn op zoek naar ondernemende mensen die The School in hun omgeving op willen zetten via onze methode.”

core1De ouders van Olivier Wijnen komen uit het onderwijs. Zelf was hij altijd gek van voetbal, maar verloor het belang van een goede opleiding nooit uit het oog. “Ik was een talent, speelde in de jeugd van topklasser AFC en er was ook belangstelling van clubs uit het betaalde voetbal. Maar op mijn vijftiende werd ik geopereerd aan mijn enkel. Toen kwam ik aanraking met de harde kant van de sport. Voor jou staan er duizend anderen klaar. Na mijn operatie ben ik nooit meer op hetzelfde niveau terug gekomen. Als ik nu één keer per week voetbal, krijg ik al last.”

Wijnen heeft een goed stel hersens. Zonder noemenswaardige problemen doorliep hij de middelbare school en de universiteit. Ondertussen zag hij voetbalmaatjes van vroeger worstelen met hun huiswerk. “Ik had redelijk snel het besef dat school belangrijk was. Maar veel vrienden dachten er anders over. Ze hadden het idee dat het door het voetbal vanzelf wel goed zou komen en ze namen hun opleiding niet serieus. Ik ben nu 26 jaar. Vrienden van mij, met dezelfde leeftijd, stromen nu pas in bij mbo of hbo. Dan heb je dus al een achterstand.”

Voetbal gaat niet over leuk en gezellig zijn!

Vrouwenvoetbal StedenDrieHoek

Hems Zwier – Ik luister naar de radio. Item over het vertrek van Vera Pauw. Ja, dat dacht ik al! Dat zat er aan te komen. Het rommelt binnen het vrouwenvoetbal en als het rommelt dan stap je op! Ja, het ligt op mijn lippen….. echte leiders gaan bij rood! Maar toch voel ik een zekere ergernis. Laat ik zeggen, ik heb weinig met Voetbal. Twee van mijn ooms speelde net na de oorlog op het hoogste niveau. Eén haalde zelfs oranje. Maar ik ben duidelijk niet erfelijk belast met voetbalkwaliteiten.

Tot mijn stomme verbazing wil mijn oudste dochter voetballen. Ik voel het afzien langs de lijn aankomen, maar zeg natuurlijk…LEUK!. Mijn dochter, een half jongetje, toen acht jaar oud, wil iets met een bal!

Wij naar het wintertoernooi, een soort kraamkamer voor jonge voetballers. Ze mag direct meedoen van de trainer. Direct de wedstrijd in! Het beweegt, houdt in en loopt verlegen rond. Ik wenk haar en fluister, dit is voetbal, je mag er best hard in! Daar is het doel, kom op gaan! Vanaf dat moment was mijn lot beklonken. Binnen tien minuten drie doelpunten. Een trainer die blij vraagt, nooit gevoetbald? En ja hoor niets mini’s, maar direct naar het slagveld van de F-jes. Blijkbaar had het genetisch materiaal een generatie overgeslagen.