Vrouwenvoetbal op de kaart!

Het leek de goede kant op te gaan met het vrouwenvoetbal toen de Women’s BeNe League er in 2012 kwam en we de beste damesteams van Nederlandse en Belgische bodem konden zien strijden in een eigen topcompetitie. De snelle groei van de sport bracht echter ook snel de keerzijde van de medaille aan het licht: een met veel ophef gelanceerd BeNe League Magazine hield snel op te bestaan, het vrouwenvoetbal van FC Utrecht ging failliet wegens gebrek aan sponsoren, de media aandacht is beperkt en het niveau is lastig hoog te houden. Toch schijnt achter de wolken ook de zon…

Kinderschoenen
Dat het niveau in het Nederlandse vrouwenvoetbal achterblijft is jammer, maar ik ben er denk ik deels mede schuldig aan. Voor de speelsters die het namelijk goed doen in ons land, lonkt al snel het buitenland met meer kansen en verdiensten. Dus verkiezen veel talentvolle meiden voor een carrière in een andere competitie dan de BeNe League, waardoor het lastig is voor Nederlandse clubs om het speelniveau op peil te houden. FC Twente Vrouwen was als pionier in 2011, de eerste Nederlandse club die speelsters ging betalen voor hun inzet. Dus we hebben het echt nog over kinderschoenen-werk. Er klinken geluiden dat ‘het te weinig leeft’ en dat sponsors een afwachtende houding aannemen door de geringe media-aandacht voor het damesvoetbal.

Vrouwenvoetbal ontwikkelt zich spectaculair

Het is de snelst groeiende sport van Nederland: vrouwenvoetbal. Met bijna 132 duizend vrouwen- en meisjesvoetbalsters telt de teamsport ruim 80 procent meer speelsters dan tien jaar geleden. Voetbalbond KNVB staat middenin deze spectaculaire ontwikkeling van de sport en manager vrouwenvoetbal Clémence Ross is namens de voetbalbond druk bezig om deze ontwikkelingen in goede banen te leiden. Daar helpt vrouwenvoetbalambassadeur en Oranje-aanvoerster Daphne Koster haar bij. Sport Knowhow XL sprak met de twee vrouwen over de ontwikkelingen en toekomst van het vrouwenvoetbal in Nederland.

Voordat Clémence Ross (56) afgelopen september door de KNVB werd aangesteld als manager vrouwenvoetbal, had zij haar sporen al ruimschoots verdiend in zowel het mannen- als vrouwenvoetbal. Tussen 2010 en 2012 was de oud-staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voorzitter van De Graafschap en ze was daarmee de eerste vrouw op die positie bij een eredivisieclub. Van 2007 tot 2012 was Ross de eerste voorzitter van de Stichting Eredivisie Vrouwen (tegenwoordig BeNe League).

ADO-vrouwencoach Sarina Wiegman wil meer gelijkwaardig BeNe League

Sarina Wiegman-Glotzbach

Als drie jaar durende pilot van de eerste grensoverschrijdende topcompetitie in Europa heeft de BeNe League inmiddels anderhalf jaar achter de rug. ADO Den Haag-trainer Sarina Wiegman vindt het van het grootste belang dat de competitie gelijkwaardiger wordt. ,,Als er meer échte wedstrijden worden gespeeld, ontwikkelen spelers, teams en dus het totale vrouwenvoetbal zich beter.”

Een oproep om maar met de BeNe League te stoppen van kort voor de winterstop acht Sarina Wiegman wat te gemakkelijk. Zij is ook kritisch op een competitie waarin monsterscores steeds vaker voorkomen en waaruit meerdere topspelers zijn vertrokken, maar geeft ook aan dat verandering brengen in die situatie complex ligt. ,,Je moet ook niet vergeten dat als de BeNe League er in 2012 niet was gekomen, er nu misschien wel helemaal geen topcompetitie meer had bestaan, want in de Eredivisie stonden drie van de zeven overgebleven clubs op springen. Na de start van de Eredivisie als Nederlandse topcompetitie in 2007 is het in de jaren daarna helaas nog niet gelukt de continuïteit te waarborgen en door te pakken. Ook daaraan, of misschien wel vooral daaraan, moet nadrukkelijk gewerkt worden!”

Juniorentrainer de beste basis

De KNVB is wereldwijd toonaangevend op het gebied van opleidingen en zoals jullie al hebben gezien of gelezen kan je weer inschrijven voor één van de opleidingen.

Als je trainer-coach bent binnen het meidenvoetbal, of meisjesvoetbal, is de opleiding Juniorentrainer het beste aanbod om de basis verder te verbeteren van de toekomst, ook die van jezelf. Je leert en ontdekt de basis van het voetbal conform de Hollandse school, je wordt onderwezen hoe je een training kunt voorbereiden en het belangrijkste hoe jij je speelsters als één team kunt laten spelen, dit kan op elk niveau echter de kwaliteit bepaald de moeilijkheidsgraad en de snelheid waarmee het opgepikt en uitgevoerd wordt, maar dat is logisch.

Het ontdekken van de teamfuncties (aanvallen – omschakelen – verdedigen) en teamtaken (opbouwen, scoren, storen en doelpunten voorkomen) krijg je als eerste mee. De KNVB heeft dus het voetbal opgeknipt in deze basistaken die elk een piramide kent met daaronder weer de algemene uitgangspunten van de teamfuncties en de specifieke handelingen, met of zonder bal.

Je kunt je team leren opbouwen op de eigen helft, rondom de middenlijn (omschakeling bij balbezit) en je kunt bijvoorbeeld ook ‘storen’ op de helft van de tegenpartij wanneer zij gaan opbouwen, hoe moet jou team positioneren etc. En je probeert ‘doelpunten te voorkomen’ op je eigen helft als de tegenpartij op jou helft indruk probeert te maken. Al die zaken kun je gestructureerd trainen en opbouwen vanaf de start van het seizoen en in een periodiseringsschema verwerken wat in het jeugdvoetbal niet zo ingewikkeld en moeilijk opgesteld hoeft te worden. De balans zoeken tussen dit schema en het voetbalprobleem vanuit een wedstrijd is de uitdaging.