Misleidende informatie kan prestatie verbeteren

Het verschaffen van onjuiste informatie kan de sportprestatie bevorderen. Het beïnvloeden van psychische factoren zoals de motivatie en het zelfvertrouwen met behulp van een placebo, complimenten of gemanipuleerde videobeelden is hierbij het efficiëntst. Dit blijkt uit een literatuurstudie naar het effect van misleiding op de prestatie van sporters.

Manieren van misleiding
Er zijn verschillende manieren om de prestatie van atleten te beïnvloeden door middel van misleiding. Denk bijvoorbeeld aan het onverwacht aanpassen van de af te leggen afstand, de tijdsduur van de inspanning of het aantal herhalingen. hiervoor gebruikt men bijvoorbeeld te snel of te langzaam lopende klokken of gemanipuleerde hartfrequentiemeters.

Ook is het mogelijk om atleten te misleiden met behulp van psychologische informatie zoals een placebo of feedback. Williams en collega’s hebben een overzichtsartikel geschreven over de effecten van verschillende soorten misleiding op de prestatie van de atleet.

Te weinig oog voor belang sportmedische kennis van trainers

image

‘Trainers zijn geen artsen of fysiotherapeuten, maar er zijn wel sportmedische aspecten waar je mee te maken kan krijgen’, aldus een informatiefolder van de Vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG). Om de medische kennis en vaardigheden van trainers op te krikken heeft de VSG in samenwerking met NOC*NSF, de Academie voor Sportkader (ASK) en het Rode Kruis de cursus omgaan met sportongevallen en blessures ontwikkeld.

Nelly Voogt van de VSG licht toe: “Als trainer sta je vaak voor een keuze, handelen of niet? Met deze cursus willen we trainers het gereedschap geven om verantwoorde keuzes te maken.”

In het werkveld is weinig oog voor de sportmedische aspecten van het trainersvak, zo constateert Voogt: “Bij de medische kant van de sport wordt vooral gedacht aan sportartsen en fysiotherapeuten, maar wij richten ons echt op de trainers. Zij hebben een belangrijke rol. Als je kijkt naar de cijfers van bijvoorbeeld overbelastingblessures, dan is er nog veel terrein te winnen. Daar heeft de trainer een grote rol in omdat die de sporter als eerste ziet.”

Ondanks die belangrijke rol is de sportmedische kennis of een EHBO-cursus bij veel sporten geen onderdeel van het trainerscurriculum. Voogt: “In bijvoorbeeld de klim- en bergsport is het wel een verplicht onderdeel, maar in veel andere sporten is dat niet het geval.”

Jeanet van der Laan: pionier in het vrouwenvoetbal

Jeanet van der Laan (20 januari 1980) maakte naam als international bij het Nederlands vrouwenvoetbalelftal. Ze speelde 29 officiële interlands voor de OranjeLeeuwinnen en kwam daarnaast uit in 62 tot mogelijk 75 jeugdinterlands. Met haar club Ter Leede uit Sassenheim werd zij driemaal landskampioen, won ze tweemaal de KNVB Beker en eenmaal de Supercup.

Men’s and women’s soccer: physical or technical?

A comparative study into the performance of men and women players in UEFA Champions League matches suggests that women and men each play soccer “in their own way”

When the sports performance of elite men and women soccer players is compared using absolute criteria, the differences are significant. This is one of the conclusions of the study by the Faculty of Physical Activity and Sports Sciences, conducted in collaboration with other universities in Europe. Over a hundred soccer players of both genders were monitored during UEFA Champions League matches to conduct this research. Apart from this conclusion, one of the practical applications of the study in the short term could lead to adapting the physical and technical preparation to the needs of each gender. Another to be applied in the long term could be the possibility of adapting soccer to the physical capacity of women, as in other sports.

Prijswinnend vrouwenvoetbalproject ervaart ook subsidiestress

Het pilotproject ‘Met de meiden centraal, onze verenigingen vitaal’ won dit jaar de gouden UEFA Grassroots Award voor beste club: een prijs waarmee de Europese voetbalbond initiatieven uit de breedtesport beloont. Het Gelderse project focust op het beter ontwikkelen van de snelst groeiende sport van Nederland – vrouwenvoetbal – via samenwerking tussen vier amateurverenigingen. Lydia Zwier-Kentie mocht in Oslo de prijs uit handen van de voormalige Italiaanse stervoetballer Giovanni Rivera in ontvangst nemen en was als initiatiefnemer en coördinator ruim anderhalf jaar betrokken bij het project. Inmiddels maakt Zwier-Kentie geen deel meer uit van het projectteam. Ze leerde van zowel de positieve als negatieve ervaringen die ze in die periode opdeed.

Toen de UEFA contact opnam met Lydia Zwier-Kentie met de vraag of een cameraploeg mocht langskomen voor een item over het project, ontstond het besef dat de Europese prijs nog wel eens gewonnen kon worden. “We dachten: ‘Ze zullen vast niet bij alle 150 genomineerden langskomen’.” Toen de UEFA-cameraploeg in het dorp Klarenbeek arriveerde, was de crew verbaasd dat ze bij nog eens drie verenigingen in de regio moesten filmen.